De Rijn­land­Rou­te krijgt een wereld­pri­meur met direct zon­licht bij de inrit­ten van de tun­nel met behulp van glas­ve­zel. Een sys­teem met len­zen op het tun­nel­dak en glas­ve­zel voor trans­port brengt zon­licht zon­der kwa­li­teits­ver­lies tot hon­derd meter in de tun­nel. Een duur­za­me oplos­sing, omdat de ver­lich­ting bij tun­nels een ech­te ener­gie­vre­ter is. De inno­va­tie kan lei­den tot een reduc­tie van 10–20% van het tota­le ener­gie­ver­bruik van de tun­nel in de Rijn­land­Rou­te.

Trans­port van zon­licht via glas­ve­zel (Solar Optic Fiber) is niet nieuw, maar wordt door aan­ne­mer Comol5 nu voor het eerst in een tun­nel gebruikt. De tech­niek wordt in het bui­ten­land al toe­ge­past in scho­len en kan­to­ren. “Deze ener­gie­be­spa­ren­de inno­va­tie past in de duur­zaam­heids­am­bi­tie van de pro­vin­cie, en we zijn er trots op dat we hier­mee de wereld­wij­de pri­meur heb­ben”, zegt Hel­mut Berk­hout, con­tract­ma­na­ger bij de pro­vin­cie Zuid-Hol­land. De ver­gun­ning voor de toe­pas­sing aan de tun­ne­l­in­gang aan de A4 zij­de is inmid­dels ver­leend.

Artist impression tunnel N434

Win-win situ­a­tie

De toe­pas­sing van Solar Optic Fiber cre­ëert een win-winsi­tu­a­tie. Comol5, dat ook de eer­ste vijf­tien jaar onder­houd voor zijn reke­ning neemt, pro­fi­teert van de lage­re ener­gie­kos­ten. “In ons stre­ven naar ener­gie­neu­tra­li­teit zijn we steeds op zoek naar manie­ren om het ener­gie­ver­bruik in tun­nels te redu­ce­ren en daar­mee ook de CO2-uit­stoot omlaag te bren­gen. Omdat tun­nel­ver­lich­ting ver­ant­woor­de­lijk is voor cir­ca 50% van het ener­gie­ver­bruik, was het voor ons logisch om eerst daar­naar te kij­ken”, zegt Onno Smi­nia, inno­va­tiema­na­ger bij Comol5 en Croonwolter&dros. Berk­hout: “Al vroeg in het pro­ject is met Comol5 afge­spro­ken dat wij als opdracht­ge­ver open­staan voor inno­va­ties op het gebied van duur­zaam­heid. We zijn als het ware ‘launching cus­to­mer’ voor deze nieu­we tech­niek, die in de beheer­fa­se van de tun­nel jaar na jaar for­se ener­gie­re­duc­tie ople­vert. Het feit dat we zon­der ener­gie­ver­bruik ‘gra­tis’ zon­licht krij­gen op een plek waar dat tot voor kort onmo­ge­lijk was, is natuur­lijk gewel­dig.”

Onno Sminia

Hoe werkt het?

Om de ogen van de weg­ge­brui­ker te laten wen­nen aan de over­gang van licht naar don­ker, is extra licht nodig bij de inrit van de tun­nel: de ingangs­ver­lich­ting. Boven­gronds wor­den de len­zen aan­ge­bracht die het licht opvan­gen en mee­draai­en met de zon. Via bun­dels glas­ve­zel wordt het zon­licht de tun­nel in gevoerd. De arma­tu­ren wor­den in een esthe­tisch patroon (geïn­spi­reerd op een ster­ren­he­mel) over het pla­fond in de tun­nel aan­ge­bracht. Hoe meer licht er bui­ten is, hoe meer licht er nodig is in de tun­nel­mond om ogen van weg­ge­brui­kers te laten wen­nen. Het mooie van gebruik van zon­licht is dat er dan auto­ma­tisch ook meer zon­licht de tun­nel in komt.

Het is high­tech en low­tech ineen”, zegt Smi­nia. “Licht wordt van de ene naar de ande­re plek getrans­por­teerd zon­der ver­lies onder­weg en zon­der dat daar aan­vul­len­de ener­gie voor nodig is. Dat klinkt sim­pel. Ander­zijds zit­ten er inge­wik­kel­de bere­ke­nin­gen onder om ervoor te zor­gen dat het licht­ni­veau in de tun­nel­mon­den kan wor­den gere­geld op basis van het licht­ni­veau bui­ten, zodat we aan de eisen van de lan­de­lij­ke tun­nel­stan­daard kun­nen vol­doen.”

Artist impression Solar Optic Fiber