Er is een unie­ke Romein­se inscrip­tie gevon­den op 1 van de palen van de Romein­se weg, die langs de Ir. G. Tjal­ma­weg (N206) is aan­ge­trof­fen bij arche­o­lo­gi­sche opgra­vin­gen voor de Rijn­land­Rou­te: “COH II CR”. De inscrip­tie stamt hoogst­waar­schijn­lijk uit het jaar 125 na Chris­tus en is zeer bij­zon­der, want hij laat zien door wie de Romein­se weg bij­na 2000 jaar gele­den werd gebouwd. Iets ver­ge­lijk­baars is in Neder­land nog nooit aan­ge­trof­fen.

Wat bete­kent de inscrip­tie?

Het gaat om het stem­pel COH II CR, let­ter­lijk Cohors II Civi­um Roma­norum, van het twee­de cohort van de Romein­se bur­gers. Dit is een gespe­ci­a­li­seer­de een­heid van het Romein­se leger van 500 man, die als aan­ne­mer fun­geer­de voor het uit­voe­ren van aller­lei bouw­werk­zaam­he­den.

Jas­per de Bruin, con­ser­va­tor RMO, is enthou­si­ast over de vondst: “Tot voor kort was niet bekend of de Romein­se weg door sol­da­ten, bur­gers, de loka­le bevol­king of mis­schien wel sla­ven werd gebouwd. Nu blijkt dat bij­na 2000 jaar gele­den het twee­de cohort van de Romein­se bur­gers de Romein­se weg aan­leg­den bij Val­ken­burg, die als voor­gan­ger van de hui­di­ge Rijn­land­Rou­te gezien kan wor­den.”

De inscrip­tie laat zien dat de Romein­se weg heel sys­te­ma­tisch is gebouwd. Op gro­te schaal zijn bomen van dezelf­de dik­te en leng­te gekapt, uit een spe­ci­aal kweek­bos. Ver­moe­de­lijk kon dit hout als een soort doe-het-zelf bouw­pak­ket besteld wor­den. Het hout werd gebun­deld en naar de bouw­plaats gebracht en daar met een Romein­se hei­ma­chi­ne in de grond geheid. De con­struc­tie van de Romein­se Weg was een mili­tair bouw­pro­ject zon­der weer­ga in de geschie­de­nis van de Lage Lan­den.

Arche­o­lo­gisch onder­zoek

Van de ruim 470 palen die zijn gelicht en onder­zocht ver­toont slechts 1 paal een inscrip­tie. De vondst levert ook weer nieu­we vra­gen op, zoals in welk deel van het bouw­pro­ces was het twee­de cohort actief? Waren er nog ande­re een­he­den die aan deze weg bouw­den? Deze vra­gen wor­den ver­werkt in het arche­o­lo­gisch onder­zoek, dat wordt uit­ge­voerd door ADC Arche­o­Pro­jec­ten uit Amers­foort, onder­steund door mede­wer­kers van het Rijks­mu­se­um van Oud­he­den (RMO), de Uni­ver­si­teit Lei­den en vrij­wil­li­gers. In 2020 wor­den de resul­ta­ten van het arche­o­lo­gisch onder­zoek gepu­bli­ceerd.

Romein­se opgra­ving “Weerd­kam­pen”

In okto­ber 2018 is over een leng­te van ruim 125 meter een groot aan­tal hou­ten palen aan­ge­trof­fen. De palen waren onder­deel van een weg uit de Romein­se tijd, die ver­hoogd in het land­schap heeft gele­gen. De vondst kwam aan het licht tij­dens arche­o­lo­gisch onder­zoek dat de pro­vin­cie Zuid-Hol­land langs de Tjal­ma­weg in Kat­wijk uit­voert, ter voor­be­rei­ding op de werk­zaam­he­den voor de Rijn­land­Rou­te.

De naam Weerd­kam­pen dankt zijn naam aan de ver­mel­ding op de his­to­ri­sche kadas­tra­le minu­ten van 1825 (oudst gebruik­te topo­gra­fi­sche kaart in Neder­land), waar deze naam al genoemd werd voor dit gebied. ‘Weerd’ staat voor menig­te, volk en slaat op ‘daar waar men­sen gewoond heb­ben’.

Romein­se Limes

Deze opgra­vin­gen maken onder­deel uit van het arche­o­lo­gisch onder­zoek naar de Romein­se Limes, de oude noord­grens van het Romein­se Rijk. Romein­se sol­da­ten heb­ben zich in dit gebied bij­na 300 jaar bezig­ge­hou­den met de aan­leg en het onder­houd van for­ten, wacht­to­rens, grach­ten, wegen en havens langs de Oude Rijn en de kust. Door de samen­stel­ling van de Zuid-Hol­land­se bodem is veel hier­van in de grond bewaard geble­ven. Van­we­ge de gro­te arche­o­lo­gi­sche bete­ke­nis is de Romein­se Limes voor­ge­dra­gen om benoemd te wor­den tot UNES­CO-Werel­derf­goed.

De pro­vin­cie brengt de vind­plaat­sen in het pro­ject­ge­bied van de Rijn­land­Rou­te dan ook graag in een vroeg sta­di­um in beeld en waar nodig stelt zij daar­bij de arche­o­lo­gi­sche vond­sten vei­lig, con­ser­veert en behoudt zij deze. Het liefst behou­den wij vond­sten ter plek­ke (in situ) in de bodem. Kan dat niet, dan wor­den vind­plaat­sen ex situ (=mid­dels een opgra­ving) behou­den. Zo beschermt de pro­vin­cie haar arche­o­lo­gisch erf­goed en maken wij het beleef­baar voor een gro­ter publiek.

Plan­ning werk­zaam­he­den aan­pas­sing N206 Ir. G. Tjal­ma­weg

De pro­vin­cie Zuid-Hol­land laat con­form wet- en regel­ge­ving, ruim voor­dat de werk­zaam­he­den aan de N206 Ir. G. Tjal­ma­weg voor de Rijn­land­Rou­te begin­nen, arche­o­lo­gisch onder­zoek uit­voe­ren. Het arche­o­lo­gisch onder­zoek heeft geen gevol­gen voor de plan­ning van de werk­zaam­he­den aan de Tjal­ma­weg. Deze werk­zaam­he­den star­ten vol­gens plan­ning begin 2020.