Natuur2019-10-31T12:37:20+02:00
Cate­go­rie: Natuur

Com­pen­sa­tie bomen­kap biedt ook kan­sen

Om ruim­te te cre­ë­ren voor de aan­leg van de Rijn­land­Rou­te moe­ten we helaas bomen kap­pen. Om de bomen­kap te com­pen­se­ren, komt er op een ande­re plek streek­ei­gen beplan­ting terug. Dat kun­nen indi­vi­du­e­le bomen zijn, dicht loof­bos, hoog struik­ge­was, zoals mei­doorn­stru­weel, of een typisch hak­hout­bos­je van elzen.

Richt­lij­nen bomen­kap

Bij de bomen­kap hou­den we de vol­gen­de richt­lij­nen aan:

  • Het kap­pen van bomen gebeurt altijd bin­nen de wet­te­lij­ke kaders. Er wordt geen boom gekapt zon­der offi­ci­ë­le kap­ver­gun­ning.
  • Voor recre­a­tie­ge­bied Vliet­land wer­ken we nauw samen met Staats­bos­be­heer om een duur­zaam bos­be­stand te rea­li­se­ren.
  • De nieu­we beplan­ting is min­stens even waar­de­vol als de oude beplan­ting door aan­dacht voor eco­lo­gi­sche, land­schap­pe­lij­ke en recre­a­tie­ve waar­de van het nieuw aan te plan­ten groen.
  • Com­pen­sa­tie van bomen is geba­seerd op regel­ge­ving, die ver­schilt per gemeen­te. Zo kan in finan­ci­ë­le waar­de, in hec­ta­res of in aan­tal­len bomen wor­den gecom­pen­seerd.
Vari­a­tie en afwis­se­ling

Het her­plan­ten van bomen en strui­ken biedt ook nieu­we kan­sen. We zor­gen voor vari­a­tie in soor­ten en voor afwis­se­ling tus­sen dicht­be­groei­de stuk­ken en open delen. Om het zicht van­uit recre­a­tie­ge­bied Vliet­land op de A4 te beper­ken, plan­ten we daar bij­voor­beeld veel hoge strui­ken. Op ande­re plek­ken plan­ten we bomen­rij­en of boom­groe­pen. Er zijn ook gebie­den die juist zo open moge­lijk blij­ven ten behoe­ve van de wei­de­vo­gels. Voor elke gemeen­te maken we een apart bomen­com­pen­sa­tie­plan.

Aan­dacht voor die­ren

In het pro­ject­ge­bied leven tal van gro­te en klei­ne dier­soor­ten. De aan­leg van de Rijn­land­Rou­te heeft invloed op hun leef­ge­bied. We pro­be­ren de gevol­gen voor de fau­na in het gebied zoveel moge­lijk te beper­ken en ver­sto­ring van leef­ge­bie­den te voor­ko­men. En waar het kan, geven we de natuur een duw­tje in de rug.

Bij­en­snel­weg

Bij­en bestui­ven plan­ten en zijn daar­om onmis­baar voor onze flo­ra en fau­na. Juist in agra­risch gebied. Maar de bij­en­po­pu­la­tie staat ern­stig onder druk. Daar­om plaat­sen we langs de A4 ter hoog­te van recre­a­tie­ge­bied Vliet­land zoveel moge­lijk bloem­rij­ke plan­ten. Zoals de mei­doorn, Gel­der­se roos en lijs­ter­bes.

Op diver­se loca­ties, zoals ber­men, taluds en kades, wordt bloem­rijk gras inge­zaaid. Er komen niet alleen bij­en af op deze voed­sel­rij­ke bloe­men en plan­ten, ook ande­re insec­ten weten er wel raad mee. En die insec­ten trek­ken dan weer aller­lei vogels aan. Een mooi ‘bij­effect’.

Vleer­mui­zen

Nog een dier dat wel wat extra bescher­ming kan gebrui­ken: de vleer­muis. Vleer­mui­zen zijn nut­ti­ge maar ook kwets­ba­re die­ren. Nut­tig omdat ze graag mug­gen lus­ten. Kwets­baar omdat ze zich zeer traag voort­plan­ten. Bij de nood­za­ke­lij­ke sloop van hui­zen langs de A44 zijn helaas ook fij­ne schuil­plek­ken voor vleer­mui­zen ver­lo­ren gegaan. Om dit goed te maken, han­gen we langs de A44 vleer­muis­kas­ten op.

Onder de Oude Rijn­brug (A44) is een popu­lai­re schuil­plek voor vleer­mui­zen. Onder deze brug cre­ë­ren we extra ruim­te voor nog meer vleer­muis­nes­ten. Ook in het licht­plan hou­den we reke­ning met de vleer­mui­zen. Waar dat kan, geen fel­le lam­pen!

Huis­mus­sen

Voor de huis­mus han­gen we op ver­schil­len­de plek­ken nieu­we nest­kas­ten op. De hagen en strui­ken die wor­den aan­ge­plant zijn gelief­de ver­blijf­plek­ken voor de mus.

Broed­sei­zoen

Bij de plan­ning van de werk­zaam­he­den hou­den we zoveel moge­lijk reke­ning met de broed­pe­ri­o­de van ver­schil­len­de vogels. In het broed­sei­zoen mogen bij­voor­beeld geen bomen wor­den gekapt. Na rea­li­sa­tie zijn de wan­del­pa­den in het gebied alleen open bui­ten het broed­sei­zoen om de broe­den­de wei­de­vo­gels niet te sto­ren.

Plas-dras zones

Voor de wei­de­vo­gels hou­den we de wei­de zo open moge­lijk. Nieuw water krijgt flau­we oevers en som­mi­ge water­gan­gen krij­gen een extra natuur­vrien­de­lij­ke oever met een bre­de ‘plas-dras zone’. Dit is een zone van ondiep water. Zo’n plas-dras zone is een ide­a­le ver­blijf­plaats voor jon­ge vis­sen en amfi­bie­ën.

Pas­sa­ge voor mens én dier

In het gebied leven naast veel vogels ook veel klei­ne zoog­die­ren. Dat wil­len we graag zo hou­den! De A44 vormt sinds jaar en dag een las­ti­ge bar­ri­è­re voor bedreig­de soor­ten zoals de boom­mar­ter, her­me­lijn, de water­spits­muis en de ros­se woel­muis. Maar niet als je de die­ren een onder­grond­se door­gang biedt. Daar­om komt hier een fiets­ecopassage. Een onder­door­gang voor men­sen én die­ren. Ver­schil­len­de leef­ge­bie­den van klei­ne zoog­die­ren wor­den zo ver­bon­den.

Meer over natuur

Par­ti­ci­pa­tie­avon­den Park­strook langs Tjal­ma­weg op 17 sep­tem­ber en 15 okto­ber 2019

Op 17 sep­tem­ber en 15 okto­ber a.s. zijn er par­ti­ci­pa­tie­avon­den over het (groen)ontwerp voor de park­strook langs de N206 Ir. G. Tjal­ma­weg in de eind­si­tu­a­tie. Wen­sen van omwo­nen­den zijn ver­werkt in het ont­werp, zoals de groen­in­rich­ting, loca­tie van wan­del­pa­den, fiets­pad en de hon­den­uit­laat­plaats. Tij­dens deze avon­den wordt de tij­de­lij­ke N206 niet behan­deld; hier­voor zijn apar­te avon­den geor­ga­ni­seerd.